Dag 16 en 17
11 februari 2026 - Invercargill, Nieuw-Zeeland
Dag 16 is in het water gevallen. Het begint namelijk met hevige regen. We besluiten een kleine tour met de auto te maken naar de plaats Bluff, waar we morgen ook naar toe gaan. Paar foto's op een uitkijkpunt, waar we compleet uit ons jas waaien, maar het is droog. In de middag nog een kleine wandeling van 5 km naar een zoutwaterkreek achter onze BnB.
De grote dag van de oversteek naar Stewart Island is aangebroken. De weersverwachting, windkracht 1 en vanaf 10 uur volle zon. De wind viel mee, maar de zon kwam toen we weer vertrokken vanaf het eiland. Stewart Island is iets groter dan de provincie Utrecht, heeft 450 inwoners, 800 auto's, 27 km verharde weg en 25.000 kiwi's. Na een overtocht van 1 uur over de Fovaeux Street, waar de South Pacific Ocean en de Tasman Sea elkaar ontmoeten en waar de deining redelijk hoog is, komen we aan op het eiland. De bus voor de rondrit die we hebben geboekt staat al te wachten en we worden gedurende 1,5 uur over de 27 km verharde weg en ook nog wat gravel rondgereden naar de leukste plekjes. We komen op plaatsen waar je New Zealand in de meest pure vorm ziet. Het is genieten van de hoogste allerhoogste orde, wat een schitterend eiland, waarvan 85% bestaat uit National Park en slecht 7% particulier eigendom is. Hier lopen 's nachts de Kiwi's gewoon door de tuinen van de bewoners die wat verder van de haven wonen. De avond ervoor is er nog een grote witte haai de haven in gezwommen op jacht naar pinguins. Die liepen in paniek het strand op en de straten in. Je moet er een keer zijn geweest om te ervaren hoe het land er vroeger moet hebben uitgezien. De terugtocht verliep soepeltjes en we zijn weer veilig op het Zuidereiland aangekomen.

Geweldig .Nou lekker genieten samen en op naar het volgende avontuur.
En van mij natuurlijk weer vele groetjes.